In het zicht

Er is niet één hartsgenoot
die jouw lot koud laat
de vogels zelfs merken
hoe verstilling jou omgeeft

een koele witte wolk
van wetmatigheid laat
vrede dalen in het rode
hart van de krijger

de ontwaakte stem
opent alle mensencellen
hij laat bergen tuimelen en
goden voegen zich gedwee

zijn mededogend oog
stuurt niets dan nodigende
gunning naar al wie hunkert
in dit lijdensconstruct

zijn stijgende hand
veroorlooft ons pelgrims
te vestigen gezag over
diepst ingesleten onrust

tempert loze ophef
over toevoer en lekkage
en saboteert het geringste
onterecht verteren

voorzien voortaan zijn wij
van uitrusting en opdracht
verbonden met steeds
toegewijder tochtgenoten

deze zetel blijkt aankomst
in een onbemande haven
waar kranen takelen dag
op dag verdorde opbrengst

wees hier anderen
dus gedienstig en wijd je
aan hun strijd
om adel

steeds vreugdevoller
te serveren als
vers dampende schotels
leegte.

Uit: Oersteen / Het deelbare.

◄║►